This is an old revision of the document!
Waarom hoort de oscillator op deze lijst?
Zonder oscillatoren geen elektronische muziek. Ze zijn niet weg te denken. Van de eerste elektronische instrumenten tot Massive. Van een magnetron tot een horloge. We waarderen de oscillator te weinig.
Geschiedenis
De eerste oscillatoren waren gebaseerd op vlambogen, ontdekt in 1802. Vlambogen zijn onstabiel door de negatieve weerstand en oscilleren soms spontaan. Rond 1821 viel ene Humphry Davy op dat een vlamboog brommende geluiden maakt. Op dit moment wist niemand dat hier ooit muziek mee gemaakt zou worden. In 1876 bouwde Elisha Gray per ongeluk ‘de eerste synthesizer’ (hoewel deze maar één oscillator en klank had). Dit was het begin van elektronische muziek.
Wat is een oscillator?
Een oscillator is in de elektronica een schakeling die een periodiek signaal opwekt en is een circuit dat gelijkstroom van de voeding omzet naar wisselstroom.
Wij gaan het vooral hebben over spanningsgestuurde oscillatoren(VCO’s), sinds deze het meest muzikaal gebruikt worden. Een spanningsgestuurde oscillator is een oscillator waarvan de frequentie wordt bepaald door een elektrische spanning. Over het algemeen worden er twee soorten oscillatoren gebruikt in VCO’s, harmonische/lineaire oscillatoren voor sinusgolven en relaxatie oscillatoren voor zaagtand-, driehoek- en blokgolven.
Harmonische/lineaire oscillatoren:
Dit soort oscillator werkt met een feedback loop en een frequentie selectief filter. De input (thermische ruis) wordt vermenigvuldigd met de gain van de amplifier en creëert output (sinus). De output wordt weer een input voor het feedback circuit met frequentie selectief filter. De output van het feedback circuit is. De amplifier gain (A) moet gelijk zijn aan de gain van het feedback circuit (β) om constant te blijven. Als Aβ<1 zal het output signaal geleidelijk uitsterven. Als Aβ>1 zal het signaal steeds versterken. Het signaal blijft alleen constant als Aβ=1 en het faseverschil tussen A en β =0.
Relaxatie oscillatoren:
Dit soort oscillator werkt met een schakelapparaat zoals een transistor, comparator, relais, operationele versterker of tunneldiode. Herhaaldelijk wordt een condensator of inductor opgeladen door een weerstand tot een bepaalde grens, dan ontlaadt deze weer. Dit is een feedbackloop dus ontstaat er een constante golfvorm. De oplaadtijd van de condensator of inductor bepaald de frequentie. Deze schakelingen zijn abrupt en daarom non-sinusoïde. Zo ontstaan er golfvormen zoals zaagtand, driehoek en blokgolf.